Eerste aflevering Queens of the Jungle scoort onder weekgemiddelde SBS

    Duits grondwettelijk hof wijst bezwaren tegen ondertekening CETA af

      Nobelprijswinnaar en toneelregisseur Dario Fo (90) overleden

        Zwaar materieel voor redding van olifanten

          Samsung ontving 23 meldingen van Note 7-problemen in VS na terugroepactie

            Nederland volgend jaar al deels afhankelijk van stroomimport

              Terpstra vindt dat Qatar mogelijkheden niet benut met WK-parcours

                NVJ wil onderzoek naar intimidatie binnen media na bedreiging Panorama

                  Syb van der Ploeg pleit voor Friese invloed in The Passion

                    The Passion 2017 wordt opgenomen in Leeuwarden

                      Justin Theroux gecast in nieuwe film van zoon David Bowie

                        Curaçao kwalificeert zich voor het eerst voor Gold Cup

                          CO2-uitstoot in Nederland daalt sneller dan verwacht

                            Vlakke stand voor Amsterdamse beurs

                              Cas Jansen kreeg meer vrijheid door supermarktreclames

                                Carlo Boszhard en Lucille Werner keren terug in eenmalige Maestro-special

                                  Dumoulin en Van Emden vrezen hitte op 'sfeerloos WK'

                                    WKR 2015 en Wet werk en zekerheid

                                    WKR 2015 en Wet werk en zekerheid

                                    Zijn uw outplacement- en opleidingskosten nog wel gericht vrijgesteld?

                                    Met ingang van 1 juli 2015 is de Wet werk en zekerheid van toepassing. Onder deze wet valt de transitievergoeding waarop een werknemer onder bepaalde voorwaarden recht heeft bij beëindiging van de dienstbetrekking. De transitievergoeding kwalificeert als loon uit vroegere dienstbetrekking.

                                    Onder de WKR 2015 kunnen bepaalde kosten voor werknemers onbelast worden vergoed, verstrekt en/of ter beschikking gesteld, wanneer de werkgever deze kosten eindheffingsbestanddeel heeft aangewezen. Het gaat onder meer om kosten voor outplacement en zakelijke opleidingen, belangrijke kosten in het kader van Wet werk en zekerheid. De onbelaste vergoeding, verstrekking en/of terbeschikkingstelling geldt niet wanneer er sprake is van loon uit vroegere dienstbetrekking. Op de transitievergoeding mag de werkgever transitie- en inzetbaarheidskosten in mindering brengen. De vraag is wat de fiscale gevolgen zijn van het in mindering brengen van de transitie- en inzetbaarheidskosten op de transitievergoeding.

                                    Tevens is met ingang van 1 juli 2015 de Wet werk en zekerheid ook van toepassing. Onder deze wet valt de transitievergoeding waarop een werknemer onder bepaalde voorwaarden recht heeft bij beëindiging van de dienstbetrekking. De transitievergoeding kwalificeert als loon uit vroegere dienstbetrekking.

                                    Werkkostenregeling (WKR) 2015

                                    De WKR 2015 houdt in dat de werkgever 1,2% van het fiscale loon (concern-breed) uit tegenwoordige dienstbetrekking mag besteden aan vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen aan werknemers. Deze 1,2% wordt wel de vrije ruimte genoemd. Hierover is hij geen loonheffingen verschuldigd, mits hij deze kosten aanwijst als eindheffingsbestanddelen. Overschrijdt de werkgever de vrije ruimte dan is hij 80% eindheffing verschuldigd over het meerdere. De vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer. Sommige aangewezen bestanddelen worden door de wetgever gewaardeerd op nihil; sommige andere bestanddelen tegen een lagere waarde dan de waarde in het economische verkeer.

                                    Voorbeelden WKR 2015

                                    Voorbeelden van de WKR 2015 zijn vergoedingen voor de werkplek (nihil waardering) en branche-eigen producten (20% van de waarde in het economische verkeer tot € 500 per werknemer per jaar). Voor branche-eigen producten geldt, dat de werkgever of een met hem verbonden vennootschap, deze onder dezelfde voorwaarden ook mag aanwijzen als eindheffingsbestanddeel voor voormalig werknemers. Dit mag ook voor verstrekkingen voor zover deze ook door de werkgever (of binnen concern) worden gegeven aan werknemers met inkomsten uit tegenwoordige dienstbetrekking die voor het overige in dezelfde omstandigheden verkeren. Deze bepaling is met name in de wet opgenomen om werkgevers de mogelijkheid te geven onbelast kerstpakketten aan hun voormalig werknemers te geven.

                                    Voor de berekening van de verschuldigde eindheffing telt de werkgever de waarde van alle aangewezen eindheffingsbestanddelen op. Op het totaal komt in mindering 1,2% van het fiscale loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en de zogenoemde gerichte vrijstellingen. Gerichte vrijstellingen zijn onder meer outplacementkosten en zakelijke opleidingskosten. Zakelijke opleidingskosten zijn kosten voor het volgen van een opleiding of studie met het oog op het verwerven van inkomen uit werk en woning.

                                    De gerichte vrijstellingen komen niet in mindering op het totaal van de aangewezen vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen voor zover het loon uit vroegere dienstbetrekking betreft.

                                    Wet werk en zekerheid 2015 en de transitievergoeding

                                    Een onderdeel van de Wet werk en zekerheid betreft de transitievergoeding. De transitievergoeding is een vergoeding die werknemers ontvangen bij hun ontslag. De vergoeding is enerzijds bedoeld ter compensatie van dat ontslag en anderzijds bedoeld om werknemers gemakkelijker van naar ander werk te laten overgaan. De werkgever is in beginsel aan de werknemer een transitievergoeding verschuldigd wanneer de arbeidsovereenkomst ten minste 2 jaar heeft geduurd onder voorwaarden die voornamelijk aan de werkgever zijn te wijten.

                                    Voorbeelden Wet werk en zekerheid 2015

                                    Voorbeelden hiervan zijn opzeggen van de arbeidsovereenkomst door de werkgever of het niet verlengen van een tijdelijke arbeidsovereenkomst. De hoogte van de transitievergoeding is maximaal € 75.000 of het hogere jaarsalaris van de werknemer.

                                    Op de transitievergoeding mag de werkgever transitie- en inzetbaarheidskosten in mindering brengen. Transitiekosten zijn bijvoorbeeld kosten voor outplacement of (om)scholing of de kosten dat de werknemer is vrijgesteld van werk na de wettelijke of eerder overeengekomen opzegtermijn. Inzetbaarheidskosten zijn kosten die eerder tijdens de dienstbetrekking zijn gemaakt om de inzetbaarheid van de werknemer bij bijvoorbeeld een andere werkgever te bevorderen. Voorwaarden voor het in mindering brengen van deze kosten op de transitievergoeding zijn onder meer dat de werkgever gespecificeerd aangeeft (behalve bij een duale opleiding) welke kosten hij in mindering brengt en dat de werknemer voor akkoord tekent. Dit laatste is niet nodig in geval van collectieve afspraken of bij een duale opleiding.

                                    Fiscale aspecten transitievergoeding en uitkeringen

                                    De transitievergoeding is in de Wet LB1964 opgenomen als een aanspraak die niet tot het loon behoort. De uitkering(en) van de transitievergoeding is belast loon. Het gaat hierbij (in beginsel?) om loon uit vroegere dienstbetrekking. Loon uit vroegere dienstbetrekking is te omschrijven als loon dat voortkomt uit de dienstbetrekking, maar waarover geen verplichting staat tot het verrichten van arbeid.

                                    Loon uit vroegere dienstbetrekking dat voortkomt uit een aanspraak kan niet als eindheffingsbestanddeel worden ondergebracht onder de vrije ruimte. Dit betekent dat de werkgever het loon onder inhouding van loonbelasting/premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke premie Zorgverzekeringswet moet uitbetalen. Er zijn geen premies werknemersverzekeringen verschuldigd over loon uit vroegere dienstbetrekking.

                                    Vervolgens is de vraag hoe de transitiekosten kwalificeren. Op grond van de fiscale wet- en regelgeving kwalificeert al hetgeen uit dienstbetrekking wordt genoten als loon. Onder ‘al hetgeen’ vallen tevens vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen en dus ook transitiekosten. Kosten voor outplacement en zakelijke opleidingskosten zijn in beginsel gerichte vrijstelling onder de werkkostenregeling. Loon uit vroegere dienstbetrekking dat voortkomt uit een aanspraak kan echter niet als eindheffingsbestanddeel worden ondergebracht onder de vrije ruimte. De vraag is of de transitiekosten als loon uit tegenwoordige of uit vroegere dienstbetrekking kwalificeren.

                                    Voorbeeld: Transitiekosten als loon of uit vroegere dienstbetrekking?

                                    Een werknemer is als lasser in dienstbetrekking bij een werkgever. Hij volgt een cursus tegelzetten met het oog op het verwerven van inkomen uit werk en woning. Op het moment dat hij de cursus volgt weet hij niet dat hij na 3 jaar ontslagen wordt door zijn werkgever. De werkgever geeft de kosten gespecificeerd en schriftelijk aan bij de werknemer en de werknemer tekent voor akkoord dat de werkgever de kosten in mindering brengt op een (eventuele) latere transitievergoeding.

                                    De werkgever heeft zakelijke opleidingskosten als werkkosten aangewezen. Vervolgens brengt hij de kosten van de cursus als gerichte vrijstelling in aftrek op het totaal van de eindheffingsbestanddelen voor de berekening van de verschuldigde eindheffing. De vraag is of dit juist is. Het genietingsmoment ligt op het moment dat de werknemer voordeel heeft, dus bij het volgen van de cursus. Maar de kosten kunnen in de toekomst wellicht in mindering worden gebracht op de transitievergoeding, die in beginsel loon uit vroegere dienstbetrekking is.

                                    Op het moment dat de werknemer ontslagen wordt en hij de transitievergoeding opeist vermindert de werkgever de vergoeding met de kosten van de cursus. Dit zou als gevolg hebben dat de kosten van de cursus daarmee onderdeel uitmaken van de transitievergoeding, die loon uit vroegere dienstbetrekking is, waardoor de kosten destijds als voorschot op de transitievergoeding zijn uitgekeerd. Vergoedingen of verstrekkingen voortkomend uit een aanspraak, die loon uit vroegere dienstbetrekking zijn mogen niet als eindheffingsbestanddeel onder de vrije ruimte (voor zover nog aanwezig) worden gebracht. Er is echter op het genietingsmoment geen sprake van ontslag.

                                    De Belastingdienst vermeldt op de website dat de transitievergoeding loon uit vroegere dienstbetrekking is, maar het gaat dan alleen over de vergoeding die overblijft: “De transitievergoeding die overblijft na aftrek van de transitiekosten en inzetbaarheidskosten, is voor uw werknemer loon uit vroegere dienstbetrekking”. Hierdoor wordt de vraag hoe de transitie- en inzetbaarheidskosten in het licht van de transitievergoeding moeten worden gezien overgeslagen.

                                    Over de transitie- en inzetbaarheidskosten staat:

                                    “Transitiekosten en inzetbaarheidskosten zijn vergoedingen aan uw werknemer en dus loon. Of gerichte vrijstellingen, nihilwaarderingen of normbedragen hierop van toepassing zijn, moet u van geval tot geval bekijken. Als de kosten loon zijn, is het nog de vraag of het gaat om loon uit tegenwoordige of vroegere dienstbetrekking. U kunt beide vragen aan ons voorleggen.”

                                    De vraag is of hier de transitie- en inzetbaarheidskosten in het licht van de transitievergoeding toch weer moet worden uitgelegd. Of stel ik mezelf vragen die er niet zijn en gaat het inzake de kosten alleen om het genietingstijdstip?

                                    GEEF FEEDBACK